AFDELING SCHILDE -
‘s-GRAVENWEZEL

Gemeenteraad 23.11.2009 - agendapunt 16: RUP
De Zetten.
1.
Het
derdenverzet voor de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen.
De buurtbewoners van het
gebied “De Zetten” hebben een dagvaarding in derdenverzet d.d. 27.03.2009 bij
de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen aangetekend tegen het vonnis A.R.
95/4618/A van 10 januari 2000 met als vordering dit vonnis te laten nietig
verklaren.
Indien dit vonnis effectief zou vernietigd worden, dan zou ook de veroordeling
van de gemeente worden opgeheven. De motivatie in dit derdenverzet behandelt
benevens de benadeling van de buurtbewoners ook de strijdigheid van het vonnis
met de vigerende wetgeving in het belang van het gemeentebestuur:
§ Schending van de scheiding der machten door tussenkomst
van de rechtbank in een bevoegdheid van de gemeente: de rechter kan de
gemeenteraad niet bevelen een beslissing te nemen in verband met de opmaak van
een ruimtelijk uitvoeringsplan.
§ Schending van het gelijkheidsbeginsel: aan
burgers kan geen initiatiefrecht tot verkaveling worden toegekend.
§ Strijdigheid met de wetgeving betreffende de
goede ruimtelijke ordening. De aanwezigheid van een vertegenwoordiger van de
eigenaar op de plenaire vergadering is hierin ten zeerste bezwarend.
2.
De
hals over kop agendering van het RUP op de gemeenteraad.
Na
9 maanden stilte wordt plots een commissie geagendeerd, onmiddellijk gevolgd
door een gemeenteraad. Er is nauwelijks tijd voor studiewerk. Over het
derdenverzet werd tijdens de commissie enkel gemeld dat het niet geactiveerd
was en dus niet relevant. Intussen weten we dat de activering administratief
was vertraagd.
Bovendien ontbraken op vrijdag
20.11.2009 in het dossier ter inzage van de gemeenteraadsleden volgende
documenten: plan juridische toestand, grafisch plan, verslag plenaire
vergadering, advies gecoro, watertoets, verslag gemeenteraadscommissie
9/11/2009. In de verklarende nota’s zou het RUP éénduidig moeten vastgelegd
worden via een inventaris van alle toepasselijke documenten met hun uitgave datum.
Er is geen verwijzing naar het advies van de GECORO.
Wij stellen voor
om de verdere opmaak van het RUP op te schorten in afwachting van de uitspraak
in deze nieuwe rechtsprocedure.
In geval de voorlopige
vaststelling van het RUP toch aan deze gemeenteraad wordt opgedrongen hebben
wij volgende bemerkingen om deze vaststelling niet goed te keuren:
3.
Het
dreigement van schadevergoeding ter naar raadsleden toe in geval van niet
uitvoering van het vonnis.
Herhaaldelijk
werden de gemeenteraadsleden gewaarschuwd dat in geval van niet uitvoering van
het vonnis de gemeente Schilde zou veroordeeld worden tot het betalen van een
schadevergoeding ter waarde van het financieel equivalent van de 109 kavels van
de volledige verkaveling van 1981, zijnde ongeveer de volledige jaarlijkse
begroting van de gemeente Schilde. Dit staat echter nergens te lezen. Wij
geloven dit thans niet meer. Het is ondenkbaar dat een rechter het niet
uitvoeren van een onwettige verbintenis en een onuitvoerbare belofte zou
bestraffen met een schadevergoeding ter waarde van het denkbeeldige
onuitvoerbare project.
Q: kan het College bevestigen dat een mogelijke schadevergoeding het financieel
equivalent zou zijn van de niet uitgevoerde verkaveling zoals ons werd
voorgehouden? Zo ja, hoe wordt dit financieel equivalent dan berekend?
4.
De
aanleiding tot de opmaak van het RUP. (toelichting 216537_03_tn, revisie d,
§1.2 pag 6”)
”Een compromis bereiken
tussen enerzijds het uitvoeren van het vonnis en anderzijds het tot stand
brengen van een goede ruimtelijke ordening.”
Wij
merken op dat de vertegenwoordigers van de eigenaar erop aangestuurd hebben om
historiek en juridische context in de toelichtingsnota op te nemen.
Wij hebben dan volgende vragen aan het College:
4.1. Het vonnis:
·
De
vertegenwoordigers van de eigenaar van het gebied “De Zetten” hebben het vonnis
naar eigen zeggen in “mensentaal” vertaald als volgt: “het financieel
equivalent opleveren van het oorspronkelijk door de eigenaar ingediend
verkavelingsplan”. De vertegenwoordiger van de eigenaar stelt zelfs dat de
gemeente Schilde zich ertoe heeft verbonden om op de helft van het gebied het
financieel equivalent van het oorspronkelijk ingediende verkavelingsplan te
realiseren. Dit wordt schijnbaar wel bevestigd door de opname in het RUP van
een maximale vloeroppervlakte van 45.000 m².
Q: Is het college akkoord met deze
uitspraken?
· Indien neen, dan is het vonnis
interpreteerbaar en is nieuwe rechtspraak noodzakelijk.
· Indien ja, dan kan men stellen dat het vonnis
zich ook laat vertalen door het bedrag van het kapitaal van de betreffende
gronden in 1981 (250 fr/m² volgens de toenmalige burgemeester) financieel om te
rekenen naar 2009 met een bepaald gemiddeld rendement over deze jaren. Te
vergelijken met een nalatigheidintrest . Anderzijds is de prijs van de gronden
in woonparkgebied inmiddels ongeveer vervijfvoudigd, wat veel meer is dan een
gemiddeld rendement.
Q: Men kan dan berekenen hoeveel m² men in 2009 nodig heeft om het financieel
equivalent van 1981 te realiseren? Ook hier is nieuwe rechtspraak noodzakelijk.
· De vertegenwoordigers van de eigenaar vertalen
echter het financieel equivalent in bewoonbare oppervlakte. Zij stellen dat het
aantal bewoonbare m² in de oorspronkelijke verkaveling meer dan 92.000 m²
bedroeg. Dit is voor 844 m²/woning. (109 woningen)
Q: Is het college het met deze stelling name eens?
· Q: Hoe is de maximum vloeroppervlakte van
45.000 m² dan tot stand gekomen? Is dit het financieel equivalent van 92.000 m²
oorspronkelijk rekening houdend met de meerwaarde in 2009 en hoe is die
berekening dan gebeurd?
· De toelichtingsnota stelt dat de eigenaar
belangrijke toegevingen heeft gedaan omdat de helft van het gebied open ruimte
is gebleven en de bebouwingsdichtheid verhoudingsgewijze beperkter is dan in
het verkavelingsplan. Dit is niet juist.
De helft van het gebied dat open ruimte blijft is overstromingsgebied. Het is
dus ook in het belang van de eigenaar om niet in de overstromingszone te
bouwen. Dit is dus geen toegeving. Anderzijds bedraagt de bebouwingsdichtheid 8 tot 13 woningen per
hectare, wat veel meer is dan de 3,5 woningen per hectare in het oorspronkelijk
verkavelingsplan.
Q: Vermits voor de eigenaar enkel het financieel aspect doorslaggevend is,
vragen wij aan het college welke financiële toegeving de eigenaar heeft gedaan.
· In de toelichtingsnota van het RUP wordt geen
gewag gemaakt van het derdenverzet. Zodoende is de toelichtingsnota onvolledig
inzake historiek en juridische context.
4.2. De goede ruimtelijke ordening:
Op
gebied van ruimtelijke ordening werden belangrijke voorschriften en principes
met de voeten getreden om toch maar tegemoet te komen aan de eisen van de
eigenaar. Volgens ons kon het niet de bedoeling van het vonnis zijn om het met
de doelstellingen van ruimtelijke kwaliteit wat minder nauw te gaan nemen.
In
het GRS van 2005 is de dualiteit reeds voelbaar onder druk van het vonnis: “het
terrein gedeeltelijk ontwikkelen mag geen aanleiding zijn tot het realiseren
van grootschalige appartementsgebouwen” Toch is men in het RUP deze weg
opgegaan. Dat dit inderdaad het geval is, blijkt uit de ingewonnen adviezen en
het verslag van de plenaire vergadering.
Gecoro:
2008.04.08: De gronden zijn niet geschikt voor realisatie van het project,
omwille van biologische waarderingskaart, verdichting sluit niet aan bij
voorstel van concentrische cirkels rond de dorpskernen
2009.01.13:
footprint 1200 m² te groot,
lusstructuur verbindingsweg niet herkenbaar, aantal recreatieve zones en
bijhorende gebouwen te groot, densiteit te hoog, combinatie van vijvers en
afscherming groen in bufferzones twijfelachtig, vraag naar verantwoordelijkheid
in geval van onderstroming van gebouwen dient verder onderzocht.
Agentschap
voor Natuur en Bos
(15.05.2008):
Volgens het Gemeentelijk Natuur Ontwikkeling plan situeert zich het plangebied zich in een
biologisch zeer waardevol oud loofboscomplex met karakteristieke flora. Drie
vierde van het hele plangebied is overstromingsgevoelig. De geplande
zuidoostelijk bebouwingszone ligt volledig in effectief overstromingsgebied.
Ongunstig advies voor het zuid oosten.
Ruimtelijk
planning provincie
(21.05.2008): Onverenigbaarheid met het GRS: principe van de meergezinswoningen
en het vermijden van grootschalige appartementsgebouwen. Provincie vraagt om
het maximum aantal woongelegenheden op te leggen in stedenbouwkundige
voorschriften. De dichtheid wordt te hoog ingeschat. Verwezen wordt naar de
omzendbrief inzake woonparken die gezien worden als gebieden met geringe
woningdichtheid (< 15 wo/ha), een bebouwbare oppervlakte van max 250 m² per
eengezinswoning en maximaal 2 bouwlagen. Het grafisch plan met doodlopende
dreven dient verder uitgewerkt. De bebouwingsindex is onaanvaardbaar en de
maximale nokhoogte dient opgenomen. Voorwaardelijk gunstig advies.
Departement
Leefmilieu Natuur en Energie
(27.05.2008): Ongunstig advies omwille van de onduidelijkheid rond vrijwaring
van het ganse gebied inzake wateroverlast.
Agentschap
R.O Vlaanderen
(30.05.2008): Het RUP voldoet niet aan het principe van de meergezinswoningen
en het niet realiseren van grootschalige appartementsgebouwen. Een maximaal
aantal woningen dient opgelegd in de stedenbouwkundige voorschriften.
Meergezinswoningen kunnen enkel onder de vorm van kleinschalige gebouwen die
het ruimtelijk voorkomen van een villa hebben.
De bevoegde waterbeheerders (provincie Antwerpen voor
oppervlaktewater) en VMM voor grondwater dienen zich uit te spreken betreffende
de studie omtrent de waterhuishouding. De invulling dient qua morfologie
verenigbaar te blijven met de bebouwing in de omgeving. Dit is onvoldoende
gegarandeerd.
Plenaire
vergadering (30.05.2008):
·
Provincie
vindt de gebouwen de grootschalig. In het GRS staat “geen grootschalige
appartementsgebouwen.” De provincie vindt de toegelaten dichtheden te hoog. De
voorschriften voor woonpark volgens huidig gewestplan voorzien 5 à 10 woningen
per ha.
·
Het agentschap RO blijft zich verzetten tegen 3+1
bouwlagen: ze vindt 2+1 wel aanvaardbaar. Agentschap Natuur en Bos suggereren
om zones 5 en 6 te schrappen en te vervangen door een evenwaardige strook aan
de centrale dreef.
Agentschap
RO Vlaanderen:
(16.06.2008) commentaar op verslag plenaire vergadering.
Potentiële dichtheid, schaal en morfologie niet
verenigbaar binnen het bebouwd perifeer landschap.
Het RUP is in strijd met het GRS aangaande het
principe van de meergezinswoningen en het niet nastreven van grootschalige
appartementsgebouwen. Watertoets: het ondergronds parkeren dient herbekeken en
beperkt.
Agentschap
Natuur en Bos
(12.06.2008) : aangepast voorstel en grafisch plan gevraagd om zones 5 en 6
vrij te houden van enige bebouwing omwille van de unieke ecologische waarde.
Q:
Waarom werd het verslag van de plenaire vergadering niet aangepast aan de
ontvangen opmerkingen?
Q:
Waarom werd met de uitgebrachte adviezen in het RUP geen rekening gehouden?
5.
De
onwettelijke intimidatie van het studiebureau door de vertegenwoordiger van de
eigenaar.
De
vertegenwoordigers van de eigenaar zijn hun bevoegdheid te buiten gegaan door
zich rechtstreeks schriftelijk tot het studiebureau te richten met de niet
verheelde bedoeling de uitwerking van het RUP te beïnvloeden en zelfs te
sturen. Hierbij wordt het gebruik van
zeer grove taal niet geschuwd.
Q:
heeft het college aan de vertegenwoordiger duidelijk gemaakt dat dit niet
alleen onwettig is maar bovendien bijzonder onbeschoft en heeft het college aan
het studiebureau duidelijk gemaakt dat het geen orders heeft te ontvangen van
de eigenaar maar dat de gemeente de enige opdrachtgever is? Is men er zeker van
dat het studiebureau zich niet heeft laten beïnvloeden door deze dreigende
taal?
BESLUIT.
In
1979 kleurt de federale overheid, die hiervoor toen nog bevoegd was, het gebied
“De Zetten” in als woonparkgebied, tegen het advies in van de gemeente Schilde,
die het als bosgebied wou vrijwaren.
De
inkleuring als woonpark is bij gebrek aan raadpleegbare motivatie als
historische vergissing te bestempelen, die best met een bestemmingswijziging
terug zou worden rechtgezet. In Duitsland werden na 40 jaar de vele onterechte
onteigeningen door het DDR regime uitgevoerd, terug teniet gedaan als juridisch
historische vergissing. Waar is hier de openbaarheid van bestuur en de
ondubbelzinnigheid van het vonnis?
Nagenoeg
alle ingewonnen adviezen van overheidsinstanties stellen dat de helft van het
gebied niet voor bebouwing in aanmerking kan komen omwille van zijn ligging in
overstromingsgebied en omwille van zijn erkende grote biologische waarde. Het
vonnis dat het opstellen van een uitvoeringsplan oplegt “naar het
verkavelingsplan van de overeenkomst van 5 juni 1981” is gewoonweg niet
uitvoerbaar!
Wij
stellen voor dat het gemeentebestuur eerst het nieuwe vonnis afwacht alvorens
met dit uitvoeringsplan verder te gaan. Onze fractie keurt alleszins de
voorlopige vaststelling van dit ruimtelijk uitvoeringsplan niet goed.